Paniekstoornis


De diagnose paniekstoornis
Mensen met een paniekstoornis hebben last van zogenaamde paniekaanvallen. Deze paniekaanvallen komen meestal geheel onverwacht. Tijdens zo'n paniekaanval krijgt men last van allerlei lichamelijke verschijnselen, die in korte tijd heel hevig worden. Soms spreekt men bij deze klachten ook wel van “hyperventilatie”. Het gaat om klachten als benauwdheid, duizeligheid, hartkloppingen, trillen of beven, misselijkheid, een pijnlijk gevoel op de borst, het gevoel flauw te vallen, koude rillingen, of zweten. Vaak is men tijdens zo'n aanval bang om dood te gaan, flauw te vallen, of de controle te verliezen. Vervolgens zijn mensen ook bang om een nieuwe aanval te krijgen.

De diagnose paniekstoornis met agorafobie
Paniekaanvallen zijn erg onaangenaam. Veel mensen die last hebben van paniekaanvallen, gaan activiteiten of situaties vermijden, waarbij of waarin zich eerder een paniekaanval heeft voorgedaan. Ook kan men situaties waaruit men moeilijk denkt weg te kunnen, of waar hulp ontbreekt als zich opnieuw een paniekaanval zou voordoen, gaan vermijden. Voorbeelden daarvan zijn: drukke winkels, het openbaar vervoer of autosnelwegen. Wanneer iemand dergelijke situaties vermijdt, of doorstaat met grote angst, dan is er sprake is van een agorafobie (ook wel bekend als straatvrees).

Behandeling

Een paniekstoornis wordt poliklinisch behandeld met cognitieve gedragstherapie. Lees verder..